Oogst

Ze is een ster in tuinieren. Op het dak van de flat in Amsterdam heeft ze een daktuin. Als ze een stacaravan in Veluwe hebben probeert ze daar in de zandgrond ook nog wat uit de grond te persen. Meestal lukt haar dat.

Daar waar bij iedereen de ballonklokjes doodgaan, groeien ze in haar tuin als onkruid.

Zoals ze in het voorjaar zaadjes zaait, zo zaait ze haar hele leven liefde. Voor haar man, waar ze ruim 60 jaar mee samen is. Voor haar dochters en kleinkinderen, waar ze een goede band mee heeft en met wie zij en haar man regelmatig op vakantie gaan naar plekken als Ierland en Frankrijk, daar waar de verhalen verteld worden.

Zo ontstaat een rijke oogst aan herinneringen, de oogst van de liefde die ze zaaide.

Ze wil geen bloemen bij haar uitvaart. Zo zonde van de natuur, vindt ze. Op de dag van de uitvaart schijnt de zon uitbundig en opent zich de cosmea in haar tuin. Die ene cosmea, die mag mee met haar.

Oogst van haar liefde. 

Dansje 

Heimwee had ze, naar de streek waar ze geboren was en waar de hele familie nog woonde. Haar broer en zussen wonen er nog. Zelf verhuist ze met haar grote liefde naar de andere kant van het land maar dat betekent niet dat het contact minder wordt. Ze belt regelmatig, is op de hoogte van alle ontwikkelingen binnen de familie en komt in principe op elke verjaardag. Met een van haar zussen en haar man gaan ze regelmatig op vakantie.

Nu is ze na een ziekbed overleden, vrij kort na haar echtgenoot. Haar dochter vertelt mij over haar. Over de moeizame laatste periode. Over de ziekte die haar steeds meer in zijn greep kreeg. Maar vooral ook over haar leven als toegewijde moeder van twee prachtige kinderen, een verstandelijk beperkte zoon en een dochter. Als een leeuwin vocht ze voor beiden.

De dag beginnen met een dansje, dat was haar levensmotto, beginnen met een dans en een lach. De tekst van dat versje is de rode draad in mijn verhaal. De afscheidsplechtigheid begint met een streeklied, waar haar heimwee heel duidelijk aanwezig is. De familie zong altijd hard mee en danste er een soort dansje bij. Ik zie de zussen, de broer en iedereen die het lied kent, meedeinen. Dat dansje, dat is er dus al. Die lach komt als de dochter in haar eigen woorden over haar moeder vertelt en haar 3 jarige zoontje, die het verdriet van zijn moeder ziet, naar haar toe loopt, de armen om haar benen slaat en zegt: “oma is alleen maar dood, hoor”.

Zoals ze wilde leven, zo nemen we ook afscheid. Maar o, wat worden zij en haar echtgenoot gemist!

Margriet

Van oorsprong een Babylonische naam die parel betekent. Een parel was ze, die kleine, jonge maar o zo dappere en sterke vrouw. Al jong overvallen door eierstokkanker. Geprobeerd alles uit het leven te halen wat er uit te halen viel. Vol humor en zelfspot. Vol relativeringsvermogen. Vol warmte en liefde. Vol plannen.

Vandaag 5 jaar geleden trouwde ze, met de liefde van haar leven. Vandaag 4 jaar geleden vierde ze voor de laatste keer haar verjaardag.

Als ik al nooit meer aan haar zou denken, wat onmogelijk is, want aan zo’n mens denk je graag en vaak terug, dan zorgen de margrieten die nu volop in de bermen staan te bloeien er wel voor dat ze voor altijd met me meegaat.

Lieve man

Ze vertelt veel, de 76-jarige weduwe. Heel veel. Maar vooral over zichzelf. Ik probeer iedere keer het gesprek terug te brengen naar waarvoor ik bij haar ben, haar gisteren overleden echtgenoot. Bijna 50 jaar getrouwd waren ze. Dan moet er toch veel te vertellen zijn? Tussen haar verhalen door krijg ik een glimp te zien van de lieve man die hij geweest moet zijn. En van de enorme verbondenheid tussen de twee. Ze vertelt dat ze heel veel gewandeld hebben. Kilometers hebben ze samen door heel Europa afgelegd. En weer thuis was daar de hond waar hij dagelijks hele einden mee liep.

’s Avonds heb ik contact met haar zus. Zij nuanceert een aantal uitspraken en vult wat aan. Geeft me het telefoonnummer van zijn nicht. De nicht op haar beurt vertelt weer heel andere dingen. Zo langzamerhand ontstaat een beeld van een meneer die betrokken was bij de mensen om hem heen. Hij was een begenadigd natuurfotograaf. En een graag geziene vrijwilliger.

Met die informatie ga ik aan de slag. Ik zoek contact met de fotoclub waar hij lid van was. Met de tuinenvereniging waar hij in het bestuur zat. Met de dierenambulance waar hij bijna 20 jaar lang wekelijks telefoondienst had. Het is mooi om te merken dat zoveel mensen hem kenden en hem waardeerden. Hij was een beetje een stille man maar ze konden op hem rekenen.

De dag voor de uitvaart ga ik met mijn verhaal bij haar langs. Ze vraagt of ik wil blijven terwijl ze het leest. Bijna elke zin opent een laatje in haar geheugen. Ze merkt op dat ik zo exact ben. Ik vertel haar dat zij degene is, die me al die feiten verteld heeft. Ze is verrast.

Op de dag van de uitvaart hoort ze mijn verhaal aan, hevig instemmend, “zo was het”.  Ze raakt zelfs geroerd en moet even grinniken bij een van mijn uitspraken.

Hoe zij nu verder gaat? Ze redt het wel, zegt ze, samen met de hond. Gelukkig heeft ze een heel lieve zus.

Herinnering

Bij het Marikenhuis in Nijmegen, inloophuis voor mensen die geraakt zijn door kanker, is door 4 vrijwilligers een herinneringsbank gemaakt. Het werd een bank rondom de boom die in de tuin van het Marikenhuis staat. Een prachtige mijmerplek is het geworden.
Een plek waar verdriet, onmacht, boosheid, stilte gedeeld mag worden.
Een plek, waar mensen rustig kunnen zitten.
Een plek waar mensen kunnen voelen dat ze hun verdriet niet alleen hoeven te dragen.
Een plek waar namen genoemd mogen worden, opdat zij die er niet meer zijn, in herinnering blijven.
Een prachtige plek.

 

Op 4 november 2017 werd de bank onthuld en werden de namen genoemd van de gasten en de vrijwilliger die sinds de opening van het Marikenhuis overleden zijn.

Een geweldig gebaar op een geweldig moment.

Rozen

“Ik weet niet zoveel over hem te vertellen”, zegt ze. “Ga jij mij vragen stellen?”.

Ik begin met haar te vragen, hoe ze elkaar hebben leren kennen. Dat is het startsein voor een bloemrijk verhaal.

Hij was schilder in hart en nieren, het opleveren van een strak geverfd huis, daar leefde hij voor. Tijdens het gesprek komt dat keer op keer naar voren. Als zij eens een klusje in huis had, schoot dat er vaak bij in, er was altijd wel iemand die ook nog wat te schilderen had. Vaak hielp hij mensen voor niets, kwam de verf ook nog uit zijn eigen voorraad. Ze ergerde zich daar wel eens aan maar zijn gedrevenheid en zijn grote hart maakten heel veel goed. Hij droeg zijn passie over op zijn schoonzoon. Het deed hem onnoemelijk veel pijn, toen hij zijn bedrijf vanwege ziekte moest opgeven.

Meer dan 40 jaar zijn ze samen geweest. Meer dan 40 jaar lief en leed gedeeld. En elke week nam hij bloemen voor haar mee, meestal rozen. “Dat ga ik misschien nog wel het meeste missen”, zegt ze als ik haar daar naar vraag. Een hart met rode rozen staat dan ook als blijk van hun wederzijdse liefde op de kist.

Op de dag van de uitvaart haal ik twee witte rozen en leg ze, zonder dat ze het ziet, vast onder het spreekgestoelte. Als ik klaar ben met zijn levensverhaal, leg ik één witte roos bij zijn foto en geef haar de andere.

Als hij naar de crematieruimte wordt gebracht, ligt alleen die ene witte roos met hem mee. 

Loslaten

Een jaar geleden overleed ze, na een kort en heftig ziekbed. Ik was op vakantie, een vakantiereis die we niet zomaar konden verzetten. Ik nam haar mee, in mijn rugzak. Op de dag dat ze overleed legde ik het steentje op de mooiste plek in Canada. Daar kon ik haar loslaten en voor altijd in mijn hart sluiten.

 

Vlinder

“Ik vind het levensproces van een vlinder zo bijzonder. Eerst een eitje, dan een rups om vervolgens als vlinder te ontpoppen. En dan rondfladderen en genieten. Zo was mijn leven eigenlijk ook.”

Ik verbaas me over de metafoor die ze gebruikt. Ik ken haar al langer dan dit voorgesprek en ik weet dat het leven niet altijd aanleiding gaf om te fladderen en te genieten. Zelf ziet ze dat dus anders. Het ontroert me dat ze ondanks de niet zo fijne dingen toch erg genoten heeft. Niet in de laatste plaats van haar dochter, die ze alleen kreeg en alleen opvoedde tot een geweldig mens.

Ik geef de vlinder een centrale plek tijdens de afscheidsdienst. Ze is gedurende de hele ceremonie aanwezig. Mooie woorden van haar zussen, haar beste vriend, haar beste vriendin, haar dochter. In al die woorden klinkt door hoe trots ze was op haar dochter. Hoe haar geboorte en aanwezigheid er voor zorgden dat zij zich kon ontpoppen tot vlinder en kon rondfladderen en genieten.

De metafoor klopt.

Ontzettend jammer dat ze niet langer van haar dochter en het leven mocht genieten. Dat ze niet weet dat er een nieuw rupsje in de maak is.

De vlinder blijft voor altijd met haar verbonden. 

Buurman

Haar buurman overlijdt, nog niet eens zo heel lang na het overlijden van zijn vrouw. Ze krijgt het verzoek iets te zeggen bij zijn uitvaart. Ze wil het wel maar weet niet of ze de juiste woorden kan vinden.

Ze laat me haar tekst lezen en vindt het goed, dat ik wat suggesties doe. Samen maken we er een prachtig stuk van.

Ik ken de buurman niet, maar uit haar tekst blijkt dat hij zielsveel van zijn vrouw hield, zorgzaam was voor haar (en zij voor hem) en na haar overlijden heel hard zijn best deed het leven weer op te pakken. Wat hem uiteindelijk ook lukte.

Wat een mooi afscheid heeft deze man gekregen. Een afscheid dat hij verdiende.